Een veelgestelde vraag voorafgaand aan een rijbewijskeuring is of een urinepotje moet worden meegenomen. Dit is afhankelijk van het type keuring waarvoor u komt.
Wanneer moet een urinepotje worden meegenomen?
Bij een rijbewijskeuring voor 75-plussers, een groot rijbewijs (C, CE, D of DE) of een taxipaskeuring wordt doorgaans urineonderzoek verricht. Hierbij wordt de urine onderzocht op de aanwezigheid van glucose (suiker).
Komt u voor één van deze keuringen? Dan is het advies om een vers urinemonster, niet ouder dan 2 uur, mee te nemen naar de afspraak, tenzij u beschikt over een recente bloeduitslag van de glucosewaarde die niet ouder is dan drie maanden.
Wanneer hoeft geen urinepotje te worden meegenomen?
Een urinepotje hoeft niet te worden meegenomen wanneer:
- U beschikt over een bloeduitslag van de glucosewaarde die niet ouder is dan drie maanden;
- U komt voor een specifieke medische keuring op verzoek van het CBR, bijvoorbeeld in verband met hart- en vaatziekten, een hersendoorbloedingsstoornis, medicijngebruik of een andere medische reden;
Hoe moet een urinemonster worden aangeleverd?
Wanneer een urinemonster nodig is, kan dit thuis worden opgevangen in een schoon afsluitbaar urinepotje. Een steriel potje is niet noodzakelijk. Zorg er wel voor dat de urine niet ouder is dan 2 uur.
Twijfelt u?
Twijfelt u of een urinemonster moet worden meegenomen? Neem dan vooraf contact op. Zo komt u goed voorbereid naar uw afspraak en verloopt de keuring zo efficiënt mogelijk.